Pages Menu
Categories Menu

IV Service Management

Positionering

Professor M. (Maarten) Looijen onderscheidt in zijn standaardwerk “Het beheer van informatiesystemen” (1995) drie vormen van beheer; functioneel-, applicatie- en technisch beheer;

Functioneel beheer is namens de gebruikersorganisatie verantwoordelijk (eigenaar) voor instandhouding en (opdrachtgever voor) vernieuwing van de informatievoorziening (IV) in aansluiting op de bedrijfsprocessen.

Applicatiebeheer betreft het instandhouden (beheren, onderhouden) en aanpassen (vernieuwen) van geautomatiseerde informatiesystemen (applicaties). Verantwoordelijk voor de instandhouding van de applicatieprogrammatuur en de gegevensbanken.

Technisch beheer gaat over exploitatie (beheren, onderhouden) en aanpassen (vernieuwen) van de ICT-infrastructuur/het “rekencentrum”. Verantwoordelijk voor de instandhouding van de operationalisering van het informatiesysteem.

PositioneringFB2_75

Afbeelding: functioneel-, applicatie- en technisch beheer in relatie tot de vraag- en aanbodorganisatie en het bedrijfs-, informatie- en technologiedomein.

Functioneel beheer (en in brede zin ook het strategischere “informatiemanagement”) beheert en is verantwoordelijk voor de informatievoorziening (IV). Functioneel beheer fungeert als opdrachtgever voor de IT organisatie. De IT organisatie levert alle diensten op het gebied van applicatie- en technisch beheer die nodig zijn om invulling te geven aan de voor de gebruikersorganisatie benodigde geautomatiseerde informatievoorziening (IV). Het IT Service Team vormt een eenduidig aanspreekpunt voor functioneel beheer namens de IT organisatie en is verantwoordelijk voor de (integrale) kwaliteit van de IT dienstverlening (ITSM). (Functioneel beheer is onderdeel van de gebruikersorganisatie en definieert de informatievraag. Echter, functioneel beheer in deze benadering is voor wat betreft de niet-geautomatiseerde informatievoorziening niet alleen vraag- maar ook aanbodorganisatie).

Scope

Functioneel beheer is verantwoordelijk voor alle niveaus van de informatievoorziening. Op het niveau van de corporate informatievoorziening bestuurt men de informatiebehoeft vanuit het perspectief van de gehele organisatie en let men op de samenhang tussen de bedrijfsprocessen. Op het niveau van het bedrijfsproces bestuurt men de informatiebehoefte ondersteunend aan dit proces. Op het niveau van het informatiesysteem worden specifieke behoeften ten aanzien van de applicatie bestuurt.

Ontwikkeling

De (geautomatiseerde) informatievoorziening (het geheel aan informatieverwerkende processen) zal, net als informatietechnologie, steeds meer als dienst in een organisatie moeten worden gemanaged. We kunnen niet louter meer spreken over IT Service Management (ITSM) maar ook van IV Service Management (IVSM). Daar zijn een aantal redenen voor;

Ontwikkelingen in de informatietechnologie/automatisering en dus afname van de kosten van informatie. (Geautomatiseerde) informatievoorziening wordt steeds belangrijker voor het adequaat functioneren van de organisatie. Organisaties moeten steeds sneller (kunnen) inspelen op veranderingen in de markt en de informatievoorziening moet net zo snel mee kunnen bewegen. Nieuwe uitdaging: managen van informatie als een bedrijfsmiddel / asset.

Volgroeide en uniforme IT organisaties en dus toename outsourcing van IT-activiteiten. De toename van het uitbesteden van informatietechnologie (en/of de verzakelijking van interne relaties) vraagt om een brugfunctie die borgt dat de informatietechnologie en de informatievoorziening op elkaar zijn afgestemd, de beroemde business-IT alignment. Nieuwe uitdaging: het inrichten van een volwassen vraagorganisatie.

Geen heldere vraag uit uniforme organisatie. Meerdere partijen hebben belangen of ideeën over de invulling van de informatievoorziening (business units, sales, risk & compliance) waardoor eenduidige vraag en sturing niet meer vanzelfsprekend is. Doel: goede eenduidige informatievoorziening vanuit uniforme vraagorganisatie.

Te weinig afstemming tussen informatiebeleid en operationele functioneel beheerprocessen. De sturing is versnipperd. Het informatiebeleid moet aansluiten bij de bestaande praktijk binnen de organisatie, richting geven aan operationele beheerprocessen maar ook inspelen op behoeften en tekortkomingen. Doel: grip op de informatievoorziening.

Het sturen van de informatievoorziening vanuit gebruikers- en bedrijfsoptiek, het functioneel beheer en informatiemanagement, is dus zinvol. Hiervoor is BiSL het standaard referentiemodel. Maar ondertussen bestaan er meerdere methoden en technieken die de informatievoorziening primair als onderwerp van sturing hebben. Sommige zijn ‘publiek domein’, anderen ‘proprietary’ (zoals 2IM van BFNC, FSM van ServiTect).

Bronnen;

Maarten Looijen / Het beheer van informatiesystemen / Kluwer Bedrijfswetenschappen, Deventer / 1e druk, 1995
Rik Maes / Informatiemanagement in kaart gebracht / Primavera Working Paper, Universiteit van Amsterdam / juni 2003
Remko van der Pols, Ralph Donatz, Frank van Outvorst / BiSL – een framework voor Functioneel Beheer en Informatiemanagement / Van Haren Publishing, Zaltbommel / 1e druk, februari 2005

1 Comment

  1. Hallo Bob,

    Vind het een leuke weergave met aansprekende tekst.

    Zou zelf niet meer al teveel nieuwe begrippen willen introduceren. Dus jouw ‘IVSM’ zou ik gewoon ‘FB’ of ‘IM’ blijven noemen.

    Veel plezier gewenst met het verder over de buhne brengen van het belang van een goed ‘informatiemanagement’ voor bedrijven en organisaties.

    Supportive groet,
    Dick

Post a Reply